Algemene informatie over zonnepanelen

 

Hoe werken zonnepanelen?

Al in de 19e eeuw ontdekte de Franse natuurkundige Becquerel dat het mogelijk is om elektriciteit op te wekken uit zonlicht: het fotovoltaïsch effect. In de meeste zonnepanelen wordt daarvoor silicium (een soort zand dat werkt als halfgeleider) gebruikt. Een zonnepaneel bestaat uit meerdere zonnecellen. Als er zonlicht op valt, ontstaat er spanning in de zonnecellen. Dit hoeft niet per se direct zonlicht te zijn. Ook op een bewolkte dag levert een zonnecel elektriciteit. Dit is gelijkstroom. Ons elektriciteitsnet werkt echter met wisselstroom. Om de gelijkstroom die de zonnepanelen leveren om te kunnen zetten in wisselstroom, is een omvormer nodig.

 

Soorten zonnepanelen

Er zijn grofweg drie gangbare soorten zonnepanelen op de markt:

  • polykristallijne panelen
  • monokristallijne panelen
  • dunne-film panelen

Bovengenoemde soorten panelen hebben elk hun eigen uitstraling en toepassing. Daarover kunt u hieronder meer lezen. Tevens is er een breed aanbod van merken op de markt. Zonnewinst kiest daarbij voor merken die hun sporen hebben verdiend in deze markt.

 

Polykristallijne panelen

In een polykristallijn paneel worden de zonnecellen gemaakt door silicium (zand) te smelten en in een staafvorm (ingot) te laten stollen. Hierdoor ontstaat een blauwachtige staaf met vele kristallen erin. Van deze staaf worden plakjes gesneden die de basis vormen voor de cel.

 

Monokristallijne panelen

De productie van monokristallijne panelen is hetzelfde als bij de polykristallijne panelen met dit verschil dat het stollingsproces heel langzaam verloopt. Daardoor ontstaat er één groot kristal. De cellen die hiervan gesneden worden hebben daardoor een veel homogenere samenstelling en zijn zwart van kleur. Dit levert een cel op die zo'n 8% meer energieopbrengst heeft.

 

Dunne-film panelen

Dunne-film panelen, ook wel amorfe panelen genoemd, worden ook op basis van silicium gemaakt. Dit wordt in poedervorm op een drager aangebracht. Omdat deze panelen geen cellenstructuur hebben, geeft dit ze een egaler uiterlijk. Per oppervlak brengen ze iets minder op dan kristallijne panelen maar ze presteren beter bij diffuus licht. Een nadeel van deze panelen is dat ze kleiner zijn, waardoor er meer bevestigingsmateriaal nodig is. Ook is er vanwege het hogere voltage meer bekabeling nodig. Omdat de panelen een steeds kleiner deel van de prijs van de hele installatie uitmaken is deze techniek dan ook steeds minder in trek.

 

Schaduw

Schaduw heeft een negatieve invloed op de werking van zonnepanelen. Hoe minder zon op een paneel valt, des te minder stroom er wordt geproduceerd. Voor panelen die geregeld (deels) schaduw krijgen, ligt de oplossing in de omvormer.

 

Wilt u meer informatie?

Dan kunt u contact met ons opnemen via ons contactformulier. Wij informeren u graag persoonlijk en vrijblijvend over de mogelijkheden van zonnepanelen voor uw persoonlijke situatie.

 

Door het gebruiken van onze website, ga je akkoord met het gebruik van cookies om onze website te verbeteren. Dit bericht verbergen Meer over cookies »